Belgische pisteploeg toont potentieel op eigen bodem
Het WK Piste Junioren in de Sport Vlaanderen Heusden-Zolder Velodroom Limburg leverde vier medailles op voor de Belgen. Op de ploegenachtervolging pakten Yana Decruyenaere, Laura Fivé, Jana Gevers, Faye Lagaeysse en Anna Meeusen de zilveren medaille. Ook op de madison eindigden Sune De Valck en Cedric Van Gijsel als tweede. Meeusen en De Valck voegden daar individueel nog brons aan toe in het omnium.
Voor Arne Wallays, Directeur Topsport bij Belgian Cycling, zijn de resultaten meer dan een mooie medailleoogst. Ze bevestigen dat de investeringen in de Belgische pistewerking steeds meer resultaten opleveren.
Een unieke topsportschool
“Een belangrijke pijler is de topsportschool in Gent, die mogelijk wordt gemaakt door Sport Vlaanderen en Cycling Vlaanderen. Met die setting maken we het verschil ten opzichte van opleidingsprogramma’s in andere landen. Jongeren kunnen er quasi dagelijks op de piste rijden. Dat is een uniek voordeel ten opzichte van de concurrentie.”
De nationale ploeg probeert daarbij het beste uit verschillende werelden samen te brengen. In overleg met de Topsportschool wordt bekeken welke renners binnen de nationale werking kunnen worden meegenomen. Daarnaast krijgen jongeren die niet binnen de Topsportschool actief zijn, kansen binnen de nationale ploeg
“De samenwerking met de trainers van de Topsportschool is heel goed. Kristof De Baets en Kieran De Fauw zijn daar de trainers. Als directeur stuurt Koen Beeckman het geheel aan, en ook zijn rechterhand Jasper Bert heeft zowel operationeel als beleidsmatig een belangrijke rol. Iedereen draagt vanuit zijn expertise bij aan hetzelfde verhaal, met passie en overgave.”
De juiste mensen op de juiste plaats
Binnen onze werking is Dominique Perissi bezig aan zijn derde jaar als talent coach bij de junioren en combineert die functie met een rol als assistent-coach bij de elites.
“Dominique is belangrijk om de doorstroming te faciliteren. Zijn achtergrond als leerkracht is daarin een grote troef. Voor deze jongeren is dit vaak de eerste ervaring op topsportniveau. Het is dus niet alleen een moment om prestaties neer te zetten, maar ook om hen te vormen richting de toekomst.”
“Attitude en normen zijn belangrijk voor ons. We willen hen de waarden van de nationale ploeg meegeven. Dominique is een sterke motivator. Met zijn master in de lichamelijke opvoeding en de bewegingswetenschappen en zijn Trainer A-diploma heeft hij bovendien de nodige inhoudelijke bagage om hen op fysiek, technisch en tactisch vlak optimaal te begeleiden. Hij is de juiste man op de juiste plaats.”
Sterke ploegenachtervolging
Afgelopen week waren de sterke resultaten in de ploegenachtervolging twee hoogtepunten. De Belgische dames wonnen zilver, de heren werden vierde.
“We hebben verschillende Belgische records verbeterd. Bij de jongens gingen er vijf seconden af. 3’56” bij de heren junioren is een heel sterke tijd. Tot minder dan tien jaar geleden gold de grens van vier minuten bij de elite nog als een symbolische mijlpaal voor België. Het feit dat de junioren daar nu al ruim onder duiken, belooft voor de toekomst. Ook bij de dames braken we verschillende nationale records.”
Opvallend is ook dat de pistewerking steeds meer aansluiting vindt bij de weg.
“In het verleden waren renners geneigd om nadrukkelijker voor de weg te kiezen. Dit jaar konden Dominique en Kim De Baat, de talent coach op de weg, hen blijven motiveren voor de ploegenachtervolging. Er werd zelfs actief vanuit het wegpeloton gerekruteerd. Tijdritprofielen zijn bijvoorbeeld interessant voor de ploegenachtervolging. Yana Decruyenaere is daar een mooi voorbeeld van. Vanuit de overtuiging dat beide disciplines elkaar versterken, willen we daar verder op inzetten.”
Nieuwe wind in de sprint
Ook binnen de sprintwerking ziet Wallays positieve signalen. Met de komst van Theo Bos kreeg het project zo mogelijk nog een extra boost.
“We zien bij de elites al hoopvolle resultaten, maar de basis moet natuurlijk aan de onderkant van de piramide worden gelegd. We moeten ervoor zorgen dat er voldoende instroom is. Cycling Vlaanderen neemt op dat vlak al de nodige initiatieven.”
Met onder meer Mathis De Tollenaere en Mats De Ridder ziet hij alvast redenen om optimistisch te zijn.
“Er zijn positieve signalen bij die jongens. Ook zijinstroom via BMX blijft een opportuniteit. We moeten talent op verschillende manieren kunnen aantrekken en vervolgens de juiste begeleiding bieden.”
Bouwen richting Brisbane
De ontwikkeling van deze generatie stopt uiteraard niet bij dit WK. De Olympische Spelen van Brisbane vormen een belangrijke stip aan de horizon voor de junioren die nu hun eerste grote stappen zetten.
“Onze focus ligt op de Olympische nummers. Dat we daarin scoren, is veel waard. Op deze nummers is de concurrentie het grootst.”
“De ondersteuning vanuit het BOIC binnen de piste focust op atleten vanaf de leeftijd van 18 jaar. Dat maakt onze eigen werking in de jaren daarvoor des te belangrijker. We moeten samen met Sport Vlaanderen en de Topsportschool een sterke basis creëren.”
Een WK in eigen land
Dat dit WK in Heusden-Zolder plaatsvond, gaf de prestaties bovendien een extra dimensie. De wielerbaan in Zolder is sowieso al belangrijk voor het Belgische baanwielrennen. Naast Gent biedt het renners de mogelijkheid om op hoog niveau te trainen en te koersen. Ook daar ligt een sleutel tot het succes.
Dat dankzij het team van Circuit Zolder onder leiding van Marc Wauters dit WK naar België werd gehaald, zorgde voor een extra meerwaarde.
“Voor deze jongeren is het bijzonder om een WK voor eigen volk te kunnen beleven. Familie, vrienden en supporters zijn aanwezig. Dat werkt motiverend en inspirerend, en kan op verschillende manieren het duwtje in de rug zijn om vol in te zetten op een carrière als pistier.”
Meer dan vier medailles
De vier medailles zijn uiteindelijk vooral een bevestiging van de richting die we uitgaan. De resultaten zijn mooi, maar ze vertellen maar een deel van het verhaal. We hebben vandaag een aantal sterke fundamenten: de infrastructuur, de topsportschool en de werking van de nationale ploeg. Die moeten we verder met elkaar verbinden.
“Door die wisselwerking nog verder uit te bouwen kunnen we onze talenten een traject aanbieden dat hen in staat stelt hun talent maximaal te ontwikkelen. Op die manier zullen we ongetwijfeld een aantal van deze renners zien schitteren bij de elites. Daar doen we het uiteindelijk voor.”