Race naar de olympische kwalificatie gaat van start

2022 was een Grand Cru Classé voor Belgian Cycling. Maar wat Frederik Broché betreft mag het de komende twaalf maanden nóg beter worden. Want ook al is 2023 een pre-olympisch jaar, de technisch directeur van Belgian Cycling beschouwt het multidisciplinaire wereldkampioenschap in Glasgow als hét ideale opstapje richting Spelen in Parijs. En dus worden er opnieuw prestaties verwacht, niet alleen omdat medailles blinkende hebbedingen zijn die uitstekend staan op de erelijst van renners én federatie, ook omdat de race naar de olympische kwalificatie net zo belangrijk is.

Staan alle tellers wat de selectieprocedure voor de Olympische Spelen betreft nog op nul, of zijn er in bepaalde disciplines al rankings opgestart?
Frederik Broché: “Die van het mountainbike en BMX zijn al een tijdje bezig. De teller in het mountainbike is beginnen lopen eind mei 2022. Pas drie weken eerder kregen we de selectiecriteria doorgespeeld. Rijkelijk laat, dus. Al voeg ik er meteen aan toe dat dat voor iedereen hetzelfde is. In het BMX wordt er geteld sinds begin september vorig jaar. Daar hebben we al vier Wereldbekermanches achter de rug. Het EK Piste van afgelopen week betekende het startschot voor die discipline. In het wegwielrennen vertrekken we van een propere lei.”

Kan je wat BMX betreft al een voorzichtige stand van zaken maken?
“Dat is moeilijk. Ik kan er voorlopig niet te diep op ingaan, omdat je daar een aantal goeie jongeren hebt, renners die in de beloftencategorie uitkwamen op het moment dat ze nog junioren waren. Die punten zijn er pas begin dit jaar bij gekomen. Om maar te zeggen: het zit behoorlijk ingewikkeld in mekaar. Wat ik nu al wél kan zeggen is dat we hopen dat we bij de mannen én bij de vrouwen een vertegenwoordiger zullen hebben op de Olympische Spelen. Halen we daar in Parijs meteen een finaleplaats? Dat mag natuurlijk, maar ik denk van niet. Elke Vanhoof is voorlopig nog altijd Dame Nummer Eén, al zitten er in haar kielzog drie goeie concurrentes – junioren die belofte worden – aan te komen. De punten die zij zullen behalen maken het hopelijk iets makkelijker om één vrouw af te vaardigen naar de Spelen. Bij de mannen is het voorlopig zo’n beetje een ‘mengelmoes’. Daar steekt er voorlopig niemand echt bovenuit. Een piepjonge kerel of een eliterenner: wat Parijs betreft kan het daar nog alle kanten uit. Maar ook hier is de kans op deelname realistisch.”

Meerdere renners die in aanmerking komen voor één plaats is in principe goed nieuws, niet? Onderlinge concurrentie maakt iedereen beter.
“Dat klopt. Iedereen weet waar hij of zij aan toe is. Ze zullen allemaal hard moeten werken om die éne plaats te bemachtigen. De selectie gebeurt immers op basis van de landenranking. En omdat de resultaten van de drie beste renners worden opgeteld moet je als land echt wel in de breedte kunnen scoren om in aanmerking te kunnen komen voor dat éne plaatsbewijs. Na het afsluiten van die landenranking zijn er nog wel een paar individuele plaatsjes te verdelen op het WK, maar we rekenen liever niet op zo’n uitschieter.”

Gelden dezelfde selectiecriteria ook voor het mountainbike?
“Ook in die discipline gebeurt de selectie voor de Olympische Spelen op basis van een landenranking, met ook hier nog enkele extra plaatsbewijzen die toegekend worden op het WK van 2023. Daar zitten we met twee atleten – Pierre de Froidmont en Jens Schuermans – die vorig jaar af en toe bij de beste acht eindigden in een Wereldbekerproef, dus willen we graag met twee renners naar Parijs. We denken echt dat we daar een olympisch diploma, een plek bij de beste acht, kunnen halen.  Dat betekent dus dat we een derde renner zullen nodig hebben die óók veel punten pakt. Dan kijken we in eerste instantie naar Daan Soete en Clément Horny, renners die in theorie natuurlijk ook aanspraak kunnen maken op een selectie voor Parijs. Wij houden de ranking nauwgezet bij, en werken bijvoorbeeld bijkomende wedstrijden af, gewoon maar om extra punten te kunnen sprokkelen om twee mannelijke mountainbikers naar de Spelen te kunnen sturen. Afgaande op de prestaties van de voorbije maanden mogen we ambitieus zijn, en daar willen we dan ook volop op inzetten.”

Het blijft natuurlijk een raar gegeven dat er renners zijn die zich dubbel moeten plooien om ánderen in staat te stellen naar de Spelen te gaan.
“Zo zit het reglement nu eenmaal in mekaar. Maar tegelijk is niemand vooraf kansloos, natuurlijk. Momenteel steken Schuermans en De Froidmont er een eindje bovenuit, zonder twijfel. Maar niemand weerhoudt er andere kandidaten van hen het vuur aan de schenen te leggen. Ik wens het niemand toe, maar pech en ziekte zijn dingen die af en toe ook opduiken in topsport. En als een gevestigde waarde forfait moet geven moet je als renner klaar zijn om die beschikbare plaats in te nemen. De beste acht landen mogen twee renners afvaardigen. Bij de mannen staan we momenteel vijfde. Maar omdat de puntenkloof tussen vijf en negen beperkt is zal het voor iedereen knokken worden. Bij de dames is het een ander verhaal. Daar zullen we hard moeten werken om één plaatsje te hebben.  Begin 2023 stonden we tweeëntwintigste op de landenranking. Alleen de beste negentien landen zijn vertegenwoordigd op de Olympische Spelen. Eén vrouw naar Parijs kunnen sturen zou voor Belgian Cycling het hoogst haalbare zijn. Zonder onszelf vast te pinnen op een plek in de uitslag.”

Dat het Super-WK in Glasgow in augustus doorgaat kan een mooie testcase zijn, met het oog op de Olympische Spelen van één jaar later.
Frederik Broché

In hoeverre is 2023 allesbepalend? Of biedt de eerste helft van 2024 nog kwalificatiekansen in mountainbike en BMX?
“Liefst van al weet je eind dit jaar waar je aan toe bent. Wie in 2024 nog paniekvoetbal moet gaan spelen betaalt dat waarschijnlijk cash op de Olympische Spelen. Nog een bijkomende reden om alles op 2023 te zetten is dat het WK in beide disciplines uitzonderlijk op krék hetzelfde moment als de Olympische Spelen valt. Qua generale repetitie kan het niet beter. Je kan in het voorjaar echt dingen gaan uittesten, om uit te vissen wat de beste voorbereiding op Parijs is. Wanneer doe ik hoogtetraining? Wanneer bouw ik welke trainingsprikkels in? Wanneer doe ik er beter aan wat rust te nemen? De ervaring die je dit jaar kan opdoen is uiterst waardevol. Je kan nooit exact kopiëren, maar als alles goed verloopt is 2023 voor alle atleten de perfecte leidraad.”

Omdat het WK in Glasgow straks alle wielerdisciplines combineert gaat die vlieger voor élke Belgische renner op?
“Juist. Ook voor onze pistiers en onze wegrenners kan de datum van hun WK met het oog op de Spelen van één jaar later een mooie testcase zijn. “

Het selecteren van baanrenners voor de Olympische Spelen belooft een ingewikkelde zaak te worden. Zo moéten er twee renners uit de ploegenachtervolging aantreden in de andere fondnummers.
“Dat kan ik niet ontkennen. Je verplicht de landen nu om te kiezen. Of je maakt een strikte keuze voor de ploegenachtervolging, of je zet in op ploegkoers en omnium. De derde optie is kiezen voor een soort van mix, met het risico dat je nergens goed uit de verf komt. De kans is dus reëel dat je renners cast in een bepaald systeem, om ze dan nadien te moeten zeggen dat ze uiteindelijk toch niet in het plaatje zullen passen. De ploegenachtervolging is een mooi voorbeeld. Stel dat we dat traject naar behoren kunnen afleggen en we beschikken over een team dat potentieel bij de beste vijf landen gaat horen. Dat zou schitterend zijn. Wel, dan bestaat de kans dat we twee renners die samen met de anderen ontzettend hard gewerkt hebben uit de selectie moeten zetten omdat we vinden dat we meer medaillekansen in omnium en ploegkoers hebben. Dat is moeilijk. Dan zetten we de twee madisonrenners bij de ploegenachtervolging, en omdat dat geen pure specialisten zijn scoren we meteen een pak minder op dat onderdeel. De kans dat dat zal gebeuren is niet onbestaande. De renners weten dat, we zijn daar eerlijk in geweest.”

Die keuze wordt nu nog niet gemaakt?
“We zetten de komende twaalf maanden vól in op alle disciplines. We gaan in eerste instantie voor het jongerenteam dat op het WK de ploegenachtervolging heeft gereden. En ik hoop tegelijk dat de renners die bijvoorbeeld voornamelijk mikken op de ploegkoers wijs genoeg zullen zijn om zich aan te sluiten bij dat project. Al weet ik tegelijk dat dat niet makkelijk wordt. Onder meer omdat de renners die de madison viseren ook een wegprogramma willen afwerken. En toch is het uiteindelijk de bedoeling dat ook die jongens zich af en toe zullen vrijmaken om aan te treden met de achtervolgers. Het opzet is dat we met een soort van beurtrolsysteem zullen werken, maar met de achterliggende gedachte dat iedereen zijn eigen specialiteit voorop stelt.”

Hoeveel keer treedt het team van de ploegenachtervolging in 2023 in competitieverband aan?
“Vijf keer. EK, WK en drie Nations Cups. Dat is alles. Het zou dus zomaar kunnen dat madisonrenners als Robbe Ghys, Fabio Van den Bossche en Lindsay De Vylder elk één keer zullen meedraaien in dat project, absoluut. En stel nu dat de drie kandidaten voor de ploegkoers compleet aan mekaar gewaagd zijn, dan zal de voorkeur mogelijk gaan naar de jongens die het beste uit de verf kwamen in de ploegenachtervolging. (Glimlacht) Ik hoop alleszins dat ze dit lezen. Of we ook bij de vrouwen werk maken van de team pursuit in het vooruitzicht van de Olympische Spelen? Nee, dat staat voorlopig nog niet op de planning. Bij de vrouwen gaan we op de piste in Parijs niet voor het maximaal inzetbare aantal rensters. In de fondnummers sturen we twee vrouwen uit, in de sprint één. Of drie. Als we ons plaatsen in de Team Sprint.”

Is kwalificatie in de Team Sprint bij de vrouwen een haalbare kaart?
“Ik denk van wel. Een paar maanden echt gestructureerd trainen moet volstaat om ons al ‘tussen de mensen te zetten’ in de uitslag. Er is talent, dus ik acht de kans reëel dat we ons kunnen plaatsen voor de Spelen. Elke Vanhoof, bijvoorbeeld. Zij heeft een aantal moeilijke jaren achter de rug in het BMX. Ze blijft wel actief in die sporttak, maar ze legt ook veelbelovende tests af op de piste. Zij kan een uitstekende startrenster zijn. En voorts hebben we nog een pool aan talent bij de dames. Nicky Degrendele, Valerie Jenaer en Julie Nicolas, bijvoorbeeld. En dan zie ik er nog een paar over het hoofd. Als er voldoende engagement aan de dag gelegd wordt zie ik daar wel mogelijkheden, ja. Ik geloof echt dat er een succes maakbaar kan zijn dat ons zelfs naar een olympisch diploma leidt. Dat zou een fantastisch fundament zijn om richting 2028 verder te bouwen.”

We hebben het over BMX, mountainbike en baanwielrennen gehad. In al die disciplines is een olympische medaille – laat staan een titel – het allerhoogste. Geldt dat ook voor wegrenners, denk je? Of wordt Parijs voor hen gewoon de zoveelste wedstrijd in een lange reeks?
“Ik denk wel dat het belang van de Olympische Spelen ook voor hen nog steeds groeit. Daar heeft de gouden medaille van Greg Van Avermaet ongetwijfeld een rol in gespeeld.”

Denk je echt dat veel mensen weten dat Richard Carapaz hem opvolgde als olympisch kampioen?
“Die impact is minder, dat klopt. Maar stel je maar eens voor dat Wout van Aert goud had gepakt in Tokio in plaats van zilver. Die weerklank had oneindig veel groter geweest. Zelfs een olympische medaille is iets voor het leven, en vraag maar aan Greg wat een titel losmaakt bij het brede publiek. Een tijdrit of een wegrace op de Olympische Spelen: dat zijn de enige koersen op de kalender waarin renners blij kunnen zijn met een tweede of een derde plaats. In alle andere wedstrijden tellen die veel minder mee.”

 Ook in het wegwielrennen wordt geknipt in het aantal starters. In Parijs mag er per geslacht maximum een kwartet Belgische renners starten.
“Dat zal resulteren in een micropeloton van pakweg 90 renners. Als je dat vergelijkt met het traditionele wegwielrennen is dat een zielige aanblik. En uit die wegploeg moeten dan nog de (maximaal) twee tijdrijders komen. We kunnen dat met zijn allen jammer vinden, maar het is niet anders. Gelukkig hebben wij renners die wereldtop zijn in beide disciplines, dus wat dat betreft kijken we ambitieus vooruit.”

Tekst: Guy Vermeiren
Foto’s: Facepeeters, Photo News

Related news

Nationale ploegen

NATIONALE SELECTIES: OLYMPISCHE SPELEN PARIJS – BMX RACING

De Sporttechnische Commissie bevestigde de door bondscoach Chris Jacobs geselecteerde renners om deel te nemen aan de Olympische Spelen BMX Racing, die zullen plaatsvinden van donderdag 1 augustus tot vrijdag 2 augustus 2024 in Parijs (Frankrijk): Women Elite: Elke VANHOOF Reserve: Aiko GOMMERS Men Elite: Ruben GOMMERS Reserve: Wannes MAGDELIJNS Programma: Donderdag 1 augustus: 1/4 Finale Run 1 – 1/4 Finale Run 2 – 1/4 Finale Run 3 – Last Chance Race Vrijdag 2 augustus: 1/2 Finale Run 1 – 1/2 Finale Run 2 – 1/2 Finale Run 3 – Finale

Read more
Nationale ploegen

NATIONALE SELECTIES: OLYMPISCHE SPELEN PARIJS – WEG

De Sporttechnische Commissie bevestigde de door de bondscoaches Sven Vanthourenhout en Ludwig Willems geselecteerde renners om deel te nemen aan de Olympische Spelen op de weg, die zullen plaatsvinden op zaterdag 27 juli en van zaterdag 3 augustus tot zondag 4 augustus 2024 in Parijs (Frankrijk): SELECTIES TIJDRIJDEN: DAMES ELITE: Deze selectie zal worden bekendgemaakt op zaterdag 6 juli. HEREN ELITE: Remco EVENEPOEL Wout VAN AERT   SELECTIES WEGRITTEN DAMES ELITE: Deze selectie zal worden bekendgemaakt op zaterdag 6 juli. HEREN ELITE: Tiesj BENOOT Remco EVENEPOEL Jasper STUYVEN Wout VAN AERT Reserves (in alfabetische volgorde): Arnaud DE LIE – Yves LAMPAERT – Jasper PHILIPSEN – Tim WELLENS   PROGRAMMA Zaterdag 27 juli: 14.30: Tijdrit Dames Elite 16.34: Tijdrit Heren Elite …

Read more